DUTCH LANGUAGE LEVEL TEST

This test will help you have a better understanding of your current Dutch level.
Please choose one answer for each question. If you are not sure about some answers, it's best if you select “Not sure”. You will have a more accurate result than by simply guessing the correct option.
Total tests taken so far: 963. Average score: 23/50
1. Waar _________ jullie? In Den Haag.
blijven
leven
gaan
wonen
I don't know
2. Hoe is het met jou? Goed, _________ .
alsjeblieft
graag
dank je
alstublieft
I don't know
3. ‘Hallo Peter. Met Kees. Hoe _________ het?’
loopt
werkt
wil
gaat
I don't know
4. Mijn naam is Jan. Hoe _________ jij?
is
ben
heet
noem
I don't know
5. Ik zie mijn vriendin om _________ (20.30 uur). We gaan naar de film.
dertig uur twintig
half acht
half negen
dertig minuten na acht uur
I don't know
6. Waar zijn mijn schoenen? Ik _________ het niet.
weet
kan
zal
wil
I don't know
7. Is het vandaag vrijdag? Ja, _________ was het donderdag.
gisteren
vandaag
morgen
eergisteren
I don't know
8. Zowel katten _________ honden kunnen niet praten.
en
of
als
ook
I don't know
9. Ik heb _________ 1965 _________ 2008 in Nederland gewoond.
van / van
in / in
van / tussen
van / tot
I don't know
10. Ik _________ gisteren naar de markt.
wandel
loop
liep
loopt
I don't know